Anniek Pheifer

All posts tagged Anniek Pheifer

7 april 2018
Koninklijke Schouwburg, Den Haag

Ik vind het leuk om elk seizoen een première mee te maken. Dit keer was mijn keus gevallen op deze voorstelling van HNT. Eigenlijk kon je daar als willekeurige theaterbezoeker niet zomaar een kaartje voor bestellen, maar dankzij mijn speciale contacten als speciale Vriend van HNT was het toch gelukt. Soms merk je nauwelijks iets bijzonders bij een première, maar dit keer was het een avond met allure en met veel bekende gezichten. Volgens mij waren er, naast mijn groepje, vooral genodigden. En waar de schouwburg na afloop meestal vrij snel leegstroomt, was er nu een drukke nazit. Met bubbels en muziek. Geen doorsnee-avondje schouwburg dus. Leuke ervaring.

“Bloed eist bloed.” Dat is oppervlakkig gezien de kern van het verhaal van de Oresteia van Aischylos uit 460 voor Christus. Een vader (Agamemnon) offert zijn dochter (Iphigeneia) om de goden gunstig te stemmen. De moeder (Klytaimnestra) vermoordt als vergelding de vader. En de zoon (Orestes) wreekt, aangespoord door zijn zus (Elektra), de vader door de moeder te doden. Een gezellig familiedrama.

Foto Sanne Peper

Maar ik zag er ook iets in dat universeel is en van alle tijden. De mens verhult zijn lage motieven achter hogere machten en verheven doelen. Hij schrijft zijn beslissingen en de verantwoordelijkheid ervoor toe aan goden, profeten, het lot en het noodlot. Hij zoekt betekenis in dromen en hallucinaties, waarheid in vloeken en voorspellingen. Zo rechtvaardigt hij slechte daden als oorlog, dood, moord en vernietiging. De schuld voor het leed dat hij aanricht, legt hij buiten hemzelf.

In mijn beleving gaat Oresteia over wraak en rechtvaardigheid. Wraak leidt steeds weer tot nieuwe wraak. Maar: “Kwaad met kwaad vergelden is rechtvaardigheid en rechtvaardigheid is heilig.” Om aan deze eindeloze bloedwraak een einde te maken, wordt een rechtbank ingesteld. De eerste in de geschiedenis. Daar draait het om de vraag: Is de moord op de moeder gerechtvaardigder dan de moord op de vader en echtgenoot? En waarom? Er moet niet alleen een uitspraak komen, maar iedereen moet die uitspraak ook accepteren. Om uit de vicieuze cirkel van geweld te komen is vergeving nodig in plaats van wraak. Dat vergt wijsheid en moed.

De personages proberen in lange betogen hun gelijk te halen. Ze spreken mooie woorden, maar vooral heel veel woorden. Wat mij betreft had er hier en daar wel wat tekst geschrapt kunnen worden om de aandacht beter vast te houden. De acteurs brengen de woorden van hun personages soms vrij zakelijk en afstandelijk, soms met veel emotie. Dat geldt met name voor Anniek Pheifer, Romana Vrede en Hannah Hoekstra. Zij wisten me daardoor te grijpen. Het indrukwekkendst vond ik het laatste deel. Daarin zit Anniek Pheifer minstens een kwartier lang doodstil en zonder een woord te zeggen op het podium, terwijl anderen in gesprek zijn. Haar strakke gezicht en haar priemende ogen zijn echter zo sprekend dat ik vooral daarnaar keek en minder luisterde naar de gesproken tekst.

Al met al was het zware kost. Maar interessante materie en goed tot heel goed gespeeld en daardoor zeker de moeite waard.

Regie: Theu Boermans
Spel: Anniek Pheifer, Romana Vrede, Hannah Hoekstra, Bram Coopmans, Bram Suijker, Hans Croiset, Vincent Linthorst e.a.

 

30 november 2017
Theater aan het Spui, Den Haag

mugmetdegoudentand is een gerenommeerd gezelschap. Anniek Pheifer, Guy Clemens, Ilke Paddenburg, Xander van Vledder en Lineke Rijxman zijn gerenommeerde namen in toneelland. Ik had positieve dingen gelezen over Gidsland: een scherpe, actuele, kritische, relevante voorstelling over het Nederland van nu. Over de politiek en de televisie. Over asielzoekers en aardbevingen. Met vaart en met humor. Daarom had ik snel nog en kaartje gekocht.

Er werd inderdaad werd veel gelachen. Na afloop reageerde het publiek enthousiast. Ik kon dat niet delen. Ik vond het stuk vrij eendimensionaal. Het schuurde en verraste nergens. Waarschijnlijk heb ik op een of andere manier iets gemist wat de rest van de zaal wel zag. Wat ik dan weer niet gemist heb, is de leuke verrassing dat er ineens een paar poëtische zinnen van Maarten van Roozendaal voorbij kwamen – en ik ben zo arrogant om te denken dat heel weinig medebezoekers dat gemerkt hebben.

 

11 januari 2017
Theater aan het Spui, Den Haag

In deze voorstelling was het toneel verdeeld in een voorgrond en een achtergrond. Op de voorgrond interviewde Anniek Pheifer een beroemd acteursechtpaar (Hans Dagelet en Jacqueline Blom) over acteren. Op de achtergrond zijn scènes en beelden te zien die verwijzen naar de grote problemen en brandhaarden in de wereld. Het is blijkbaar de bedoeling om de vraag op te werpen wat nu echt het belang is van kunst. Of zoals het motto van het stuk luidt: “De wereld brandt en wij spelen toneel”. Op mij kwam het wat geforceerd over, voor mij had het gedoe op de achtergrond niet gehoeven.

Wat op de voorgrond gebeurde, was op zichzelf meer dan voldoende. De drie acteurs fonkelen. Pheifer speelt een journaliste die meer geïnteresseerd is in haar eigen vragen dan in de antwoorden. Ze heeft voortdurend een enorme, kunstmatige glimlach op haar gezicht (aan het eind van de avond moet ze kramp in haar kaken hebben gehad). Ze bevraagt Dagelet en Blom over het vak van acteren. Die geven inkijkjes in hun ambacht, soms nog steeds bevlogen en soms ijdel, zelfgenoegzaam, cynisch en mopperig. Ze vertellen ook smakelijke anekdotes over hun vak, waarbij diverse bekende namen vallen: soms in positieve en soms in negatieve zin. Spannend, omdat je als publiek niet weet wat er waar is en wat niet. En tussen de regels door gaat het onvermijdelijk ook over hun relatie. Al met al vond ik het een grappig stuk dat vol zit met tegenstrijdigheden en dubbele lagen.

Thuisgekomen begon ik me steeds slechter te voelen. Dat werd in de loop van de nacht steeds erger. De volgende ochtend ben ik per ambulance naar het ziekenhuis gebracht en daar meteen geopereerd. Dat betekent dat ik een hoop voorstellingen heb moeten missen en dat het stil werd op dit blog.

Laat ik het maar meteen zeggen: ik heb wel eens stukken van het Nationale Toneel gezien die mij meer aanspraken.

The litttle foxes is geschreven in 1938 en speelt zich af in de tweede helft van de negentiende eeuw in een gegoede Amerikaanse familie. Het verhaal gaat over de onderlinge relaties tussen de diverse personages, zowel aan de buitenkant als onderhuids. Als je bij het begin meteen geconfronteerd wordt met een hoop mensen op het toneel, kost het enige tijd nodig om door te krijgen wie ze precies zijn en hoe ze zich tot elkaar verhouden. Zo’n ‘kennismakingskwartier’ is haast onvermijdelijk, maar voorkomt wel dat je meteen gegrepen wordt. Dat laatste bleef voor mij het hele stuk vóór de pauze het geval. Het kwam op mij heel ‘tonelerig’ over, waarmee ik bedoel dat er heel duidelijk toneel gespeeld werd; geen moment voelde het alsof ik naar echte mensen zat te kijken. Aan het ensemble lag dat niet, maar de meeste rollen vond ik vrij ééndimensionaal.

Foto: Kurt Van der Elst

Ik moest lang wennen aan de rode pruik van Anniek Pheifer. Zij speelt een sterke, spijkerharde vrouw die zonder scrupules nastreeft waar ze vind dat ze recht op heeft. Ze wil hogerop en kleedt zich als een dame. Maar waarom doet ze dan steeds snel weer haar elegante schoenen uit en waarom loopt en zit ze als een bonkige bouwvakker?
Mark Rietman is een gerenommeerd acteur die heel subtiel kan spelen. In dit stuk vond ik hem nogal karikaturaal als de gladde, foute man.
Jappe Claes vind ik ook in serieuze rollen altijd wat clownesk overkomen. Bovendien kan ik sinds de berichten van niet al te lang geleden niet meer naar hem kijken zonder te denken aan zijn vermeende escapades als toneeldocent. Ik weet niet wat er waar is van de verhalen/geruchten/roddels en ik oordeel daar dus niet over. Ik weet wél dat zo’n affaire in je hoofd blijkt hangen – in elk geval bij mij en waarschijnlijk bij meer mensen – en beïnvloedt hoe je naar iemand kijkt. Dat kan onrechtvaardig zijn, het is wel een feit.
Sallie Harmsen is een groot talent in een nieuwe generatie acteurs, maar haar rol is vooral die van een wat simpel wicht dat niet wil dat er ruzie is.
Bram Suijker is in het stuk een nitwit die zijn best doet om toch serieus genomen te worden.
Pieter van der Sman is een boze man die weet dat hij niet lang meer te leven heeft.
Betty Schuurman vond ik misschien wel het overtuigendst als onzekere, wereldvreemde, alcoholistische vrouw.
Zoals zo vaak speelt Antoinette Jelgersma knap een bijrol als de bediende die zo haar eigen ideeën heeft over de familie waarvoor ze werkt.
Het rolletje van Joris Smit is zo klein dat ik er niets over kan zeggen.
Zulke schetsmatige karakters verwacht ik in een komedie, niet in een tragisch en dramatisch verhaal.

foto: Kurt Van der Elst

Na de pauze lieten de personages de uiterlijke schijn varen. Ze kregen meer reliëf en werden levensechter. Ze lieten zien dat ze stuk voor stuk ongelukkig zijn. De familieleden zeiden elkaar af en toe behoorlijk bruut de waarheid. Bijvoorbeeld over de (verkeerde) redenen voor hun huwelijken. Zo werd het spannender en daardoor voelde ik minder afstand. Maar het einde kwam voor mij dan weer heel plotseling en onverwacht; dat begreep ik niet zo goed. Ik vermoed dat er een diepere symboliek mee beoogd werd, die mij helaas ontging. Kort samengevat: ik verliet de schouwburg met vragen gemengde gevoelens over de voorstelling.

foto: Barrie Hullegie

29-12-2015
Koninklijke Schouwburg, Den Haag

het Nationale Toneel maakte van deze Shakespeare-komedie een voorstelling als een glas champagne: bruisend, vol bubbels, licht en feestelijk, en ongemerkt stijgt het een beetje naar je hoofd.

Het verhaal is niet na te vertellen. Met veel fantasie is het stuk naar het hier en nu verplaatst, inclusief veel actuele verwijzingen en grapjes. Het zit vol liefde, misverstanden, elfen, romantiek, verwikkelingen, dromen, humor, seks, visioenen, dubbelrollen, vermommingen, een ezel, een leeuw en een muur, en er zit een toneelstuk in het toneelstuk.

De cast is ijzersterk, met o.a. Anniek Pheifer, Stefan de Walle, Sallie Harmsen, Hannah Hoekstra, Pierre Bokma, Antoinette Jelgersma, Joris Smit, Vincent Linthorst, Jappe Claes en Jaap Spijkers, geregisseerd door Theu Boermans. Zonder de anderen tekort te willen doen werd de show gestolen door Pierre Bokma als amateur-toneelspeler die in plat Haags volkomen ‘over the top’ gaat en naar hartenlust schmiert. Hij was zo hilarisch dat ik tranen in mijn ogen en pijn in mijn buik had van het lachen.

Verder wil ik nog een technisch hoogstandje noemen: op het ene moment staat er een enorme feesttent met daarin gedekte tafels voor wel honderd mensen en op het volgende moment is dat allemaal verdwenen.

Het was een kostelijke avond. Drie uur vlogen voorbij. Dit was theater zoals theater bedoeld is!

5-7-2015
Westbroekpark, Den Haag

De Parade maakt het mij dit jaar niet makkelijk. Veel leuk lijkende voorstellingen die niet allemaal op dezelfde dag spelen. Ik moet dus meermaals!

Om te beginnen vanavond een snel bezoekje voor één voorstelling: Liefde Is Een Donut. Het is een lekker vet gespeelde tragikomedie van het Nationale Toneel over eenzaamheid en liefde in een kleine supermarkt. Mark Rietman is de treurige eigenaar/bedrijfsleider, Vincent Linthorst is de treuriger klant, en Aniek Pheifer, die voor deze rol flink wat kilo’s heeft moeten bij-eten, is de treurigste caissière. Allemaal hebben ze zo hun levenswijsheden, allemaal hunkeren ze naar een beter leven, allemaal geloven ze daar niet echt in. Voor de balans zit er gelukkig toch wat muziek en humor in het verhaal. Schmieren op hoog niveau: leuk!

Later in de week meer over De Parade.

Als ik goed heb geteld, heb ik dit seizoen heb ik 57 voorstellingen gezien. Echte recensenten maken na afloop van het jaar vaak een top-zoveel van voorstellingen die ze gezien hebben. Nu mijn theaterseizoen voorbij is, heb ik geprobeerd mijn eigen top-5 te maken. Dat was best lastig. Hoe vergelijk je toneel met muziek met cabaret? En daarnaast: een keus voor het ene betekent dat het andere buiten de top valt. Je moet pijnlijke keuzes maken. Zo zag ik dit seizoen twee prachtige versies van Angels in America: van Toneelgroep Amsterdam en van Toneelgroep Oostpool; ze zijn beide buiten mijn lijstje gevallen. Net als Solness van het Nationale Toneel, met een geweldige rol van Anna Raadsveld. Ik was dit seizoen ook erg onder de indruk van mijn kennismaking met cabaretière Louise Korthals, maar ook zij heeft mijn lijstje niet gehaald. Hetzelfde geldt voor de prachtige avond Theater na de Dam van Wende en Typhoon in Carré. En de intieme avond waarop Lucretia van der Vloot voor een heel klein publiek heel mooi mooie liedjes zong. Enzovoorts. Ik heb mijn keus uiteindelijk bepaald op basis van de vraag: welke zou ik morgen meteen opnieuw willen gaan bekijken? Dat heeft geleid tot het volgende rijtje. Een top-5 is uiteindelijk net niet gelukt; het is mijn persoonlijketop-6 geworden.

6. Blauwdruk voor een nog beter leven: knap stuk van het Nationale Toneel met een bijzonder knappe Anniek Pheifer. Ik zag het stuk twee keer en alleen al vanwege haar zou ik nog een keer gaan.
5. Jeroen van Merwijk: laatste solo-voorstelling van een vaardig en eigenzinnig (taal)kunstenaar. Ik heb hem lange tijd gevolgd en bijna al zijn voorstellingen gezien. Jammer dat hij gestopt is met zijn solo-optredens. En een beetje wrang dat hij samen met Harry Jekkers nu vollere zalen trekt dan ooit in z’n eentje.
4. The Fountainhead van Toneelgroep Amsterdam: grote abstracte ideeën vertaald naar kleine mensen van vlees en bloed. Van de eerste tot de laatste minuut zat ik geboeid op het puntje van mijn stoel.
3. The Broken Circle Breakdown: groot verdriet verwerkt in mooie muziek, met een hartverscheurende glansrol van Ricky Koole.
2. Medea, opnieuw van Toneelgroep Amsterdam: beklemmend stuk over een verwarde moeder dat zorgt voor kippenvel en koude rillingen.
1. Om Maarten: prachtig eerbetoon aan mijn grote kleinkunstheld. Wie mij een beetje kent, weet dat er voor mij maar één voorstelling op 1 kon staan.

Dat het reguliere theaterseizoen nu is afgelopen betekent niet dat de volgers van dit blog maandenlang verstoken zullen blijven van culturele verslagjes. Ik zal de zomer zo goed en zo kwaad als het kan vullen met festivals, openluchtoptredens, parades, etc. en natuurlijk elke keer bloggen hoe ik het vond.

29-5-2015
Koninklijke Schouwburg, Den Haag

Zoals vaak bij Tjechov speelt het stuk zich af in het huis van een merkwaardige familie waar allerlei bekenden te pas en te onpas langskomen. Ze wonen in een saai Russisch provinciestadje. Alle personages zijn ontevreden en ongelukkig vanwege hun lege, nutteloze bestaan. Ze filosoferen veel over een beter leven, maar doen niets anders dan erover praten. Niemand kan of durft zijn leven te veranderen.

De drie zusters hunkeren naar liefde, geluk en een hoogstaand leven. Ze hopen dat te vinden door te verhuizen naar Moskou. Daar hebben ze het voortdurend over. Maar ook bij hen blijft het bij woorden. En langzaam maar beseffen ze dat ze Moskou en alles waar dat voor staat nooit zullen bereiken. Het slotbeeld is fraai: de drie zusters verdwijnen, met hun laatste restje hoop, in rook en mist.

Een treurige geschiedenis dus, maar dankzij een vlotte, eigentijdse vertaling en bewerking met veel kleine grapjes wordt de voorstelling niet al te somber en zwaar. Er valt ook veel te genieten van de sterke cast met o.a. Ariane Schluter, Anniek Pheifer, Sallie Harmsen, Mark Rietman, Vincent Linthorst, Jaap Spijkers en Hans Croiset.

Het was voor mij de laatste reguliere voorstelling van dit theaterseizoen. Later dit weekend volgt mijn terugblik op het seizoen.

30-1-2015
Koninklijke Schouwburg, Den Haag

Er zijn boeken die ik meer dan eens heb gelezen. Er zijn films die ik meer dan eens heb gezien. Er zijn CD’s die ik meer dan eens heb gedraaid. Dus waarom zou ik dan niet twee keer naar hetzelfde toneelstuk gaan? Enkele maanden geleden vond ik Blauwdruk erg goed. Ik wilde het stuk nog wel een keer zien en met een aantrekkelijke korting trok de Schouwburg mij over de streep.

Mijn indrukken van de vorige keer kloppen nog steeds. Maar ik vond de voorstelling nu een stuk grappiger dan toen. Waarschijnlijk was ik de eerste keer vooral gegrepen door het drama van Anniek Pheifer als vrouw die steeds wanhopiger zoekt naar rust en een beetje geluk. Dat was nog steeds aangrijpend, maar nu had ik veel meer oog en oor voor de humor in allerlei tussenzinnetjes en in talloze verwijzingen naar toneel.

Wat in mijn beleving onveranderd is, is het goede spel van alle acteurs. Dus? Dus een derde keer zou geen straf zijn. Dat is mijn mening en daar moet u het mee doen.

4-12-14
Koninklijke Schouwburg, Den Haag

Na ruim twee theaterloze weken (het leek wel een eeuwigheid) had ik veel zin in ‘Blauwdruk voor een nog beter leven’ van het Nationale Toneel. En nu heb ik veel zin om weer eens een doorwrochte, intellectuele analyse te geven van hoe ik de voorstelling heb ervaren 😉

Het stuk gaat over Otto, een schilder, en Leo, een regisseur. Ze beginnen als idealistische, compromisloze kunstenaars maar raken allebei verzeild in een worsteling tussen leven voor de kunst en leven van de kunst. Tussen “Kunst moet vragen stellen. Kunst moet ontwrichten. Als het leuk is, heb je het niet goed begrepen” en “De moderne kunstenaar is een ondernemer”.

Verder is er Ernst, broer van Leo en een gladde geslaagde zakenman. Hij lijkt aanvankelijk een oppervlakkige patser, maar is uiteindelijk misschien wel de meest principiële van de drie mannen. De moeder van Ernst en Leo is tegelijk wereldvreemd en allesbegrijpend.

Al deze personages worden met elkaar verbonden door Hilde, een vrouw die steeds wanhopiger zoekt naar wat ze met haar leven wil. Eerst kiest ze voor een groots en meeslepend bestaan met de armlastige Otto. Maar ze blijkt niet zo avontuurlijk als ze zou willen en als Leo succes begint te krijgen, verlaat ze Otto voor hem. Het succes van Leo duurt niet lang en haar behoefte aan de zekerheid en het comfort van een normaal, rustig bestaan brengt haar tot een huwelijk met Ernst. Al die stappen helpen haar helaas niet haar wezenlijke doel te bereiken: “Ik wil alleen maar eventjes niet ongelukkig zijn!”

Dit klinkt allemaal behoorlijk zwaar er ernstig, maar het stuk is lichtvoetig en bevat veel humor.

De tekst van Ilja Leonard Pfeijffer is op het eerste gezicht, net als het decor, vrij grof in elkaar getimmerd. Maar als je beter kijkt, zitten beide ingenieus in elkaar en verandert de constructie steeds een beetje. De dialogen deden mij vaak aan Oscar Wilde denken: snel en vol geestige oneliners.

Van de acteurs vond ik Matteo van der Grijn als Otto het minst overtuigend. Misschien kwam dat door zijn vrij eendimensionale personage, waar relatief weinig van te maken viel.
Betty Schuurman als de oermoeder en Vincent Linthorst als Ernst zorgden voor de nodige komische noten, waarbij Linthorst in zijn slotmonoloog ook met een serieuze tekst sterk was.
De beste twee vond ik Jeroen Spitzenberger als Leo, die als een moderne Ikaros vanuit het niets tot grote hoogte stijgt om vervolgens weer snel in het niets te verdwijnen, en de prachtige Anniek Pheifer die als Hilde haar wanhoop en treurigheid steeds minder kan verbergen en daardoor steeds voelbaarder maakt.

Na deze mooie theateravond heb ik nu al weer zin in mijn volgende voorstelling!