Toneelgroep Amsterdam

All posts tagged Toneelgroep Amsterdam

15 juni 2018
Koninklijk Theater Carré

Wow! Wat een bijzondere, indrukwekkende, meeslepende theaterervaring. Zes uur lang acteergeweld en veel meer. Zo veel geweldige acteurs zie je zelden op één podium.

Het publiek kan tijdens de voorstelling vrij rondlopen in de zaal en op het podium. Daar kan je ook een plekje zoeken om bovenop het spel te zitten. De grime vindt plaats op het podium en daar zijn ook hapjes en drankjes te koop. De ombouw van het decor tussen de verschillende scènes gebeurt met open doek. Te midden van al die bedrijvigheid acteren de acteurs. Het klinkt misschien erg rommelig, maar het is allemaal erg organisch en vanzelfsprekend, het is zeker niet storend. En het is volgens mij behoorlijk uniek.

Romeinse Tragedies bestaat uit drie stukken van Shakespeare over drie Romeinse helden: Coriolanus, Julius Caesar en Marcus Antonius. Ze overleven alle drie hun eigen stuk niet en er vallen nog wel meer doden; het zijn dus met recht tragedies.

Shakespeare betekent: prachtige, sprankelende taal. Over grote, tijdloze thema’s als liefde en dood, trouw en verraad, waarheid en bedrog. Maar ook meer specifieke onderwerpen die in onze tijd heel actueel zijn. Kan je belangrijke besluiten beter laten nemen door de democratische meerderheid van het volk, dat wispelturig is en zich makkelijk laat bespelen en (mis)leiden, of door een verstandige elite die zichzelf verstandiger acht dan het volk? Hoe komt het toch dat hoogwaardigheidsbekleders besluiten vaak baseren op trots, koppigheid, woede, afgunst en eigen belang, verhuld onder een mantel van algemeen belang, fatsoen en rechtvaardigheid?

Foto Jan Versweyveld

De hoogtepunten van de avond waren voor mij de toespraak van Hans Kesting als Marcus Antonius (“Vrienden, Romeinen, landgenoten, leen mij uw oor”) en het wanhopige, hartverscheurende verdriet van Chris Nietveld als Cleopatra. Maar eigenlijk was het één lang hoogtepunt van zes uur. En het nagenieten duurt waarschijnlijk nog langer.

Toneelgroep Amsterdam speelde deze voorstelling voor het eerst in 2007. Dit weekend doen ze het voor de allerlaatste keer. Dus grijp je kans om deze unieke ervaring te ondergaan!

Regie: Ivo van Hove
Met o.a. Gijs Scholten van Aschat, Hans Kesting, Chris Nietvelt, Eelco Smits, Jani Goslinga, Maria Kraakman. Marieke Heebink, Hélène Devos.

9 juni 2018
Koninklijke Schouwburg, Den Haag

Wat is het toch heerlijk om naar goede acteurs te kijken. Vanavond had ik daarover niets te klagen. Vergeef ons is een coproductie van Toneelgroep Amsterdam en het Antwerpse Toneelhuis met acteurs van beide gezelschappen. Ze spelen de pannen van het dak. Eelco Smits is voor zijn hoofdrol genomineerd voor de Louis d’Or 2018 en de rest van de cast ondersteunt hem stevig.

In deze voorstelling zag ik een familie met veel geraas onherstelbaar in elkaar storten, en daarna met vallen en opstaan een nieuwe familie ontstaan. Er komt heel veel ellende voorbij, maar toch is het geen zwaar stuk. Het heeft iets lichtvoetigs. Misschien door de vliegende vaart die er van begin tot eind in zit, de vele overgangen of de subtiele grapjes.

foto Kurt van der Elst

Vergeef ons gaat over een zeer disfunctionele familie. De één is nog verknipter dan de ander en dat leidt tot genante situaties en pijnlijke ontwikkelingen. De hoofdpersoon, die zelf ook zo zijn fouten en problemen heeft, probeert wanhopig en aandoenlijk de boel bij elkaar te houden en iedereen te helpen. Het is onduidelijk of hij dat doet uit schuldgevoel, uit plichtsbesef, of om zijn minderwaardigheidscomplex te bestrijden. Maar een aantal van de karakters is niet te redden. Met de rest, stuk voor stuk beschadigde mensen, weet hij uiteindelijk een soort harmonie te bereiken.

Ik blijf mij verbazen over het vak van acteur. Dit was de allerlaatste uitvoering van dit stuk. Volgende week zie ik een aantal van de acteurs terug in een ander stuk. Het is mij een raadsel hoe je in zo korte tijd van de ene rol kunt overstappen in de andere.

regie: Guy Cassiers
spel: Eelco Smits, Chris Nietvelt, Janni Goslinga, Katelijne Damen, Lucas Vandervost, Evelien Bosmans, Jip van den Dool, Steven van Watermeulen

Regisseur Robert Icke maakt bij Toneelgroep Amsterdam een eigentijdse, vrije bewerking van deze Griekse tragedie en vertaalt het verhaal naar het heden. De centrale vraag van deze versie is volgens mij: moet je altijd de waarheid willen kennen  of is het soms beter niet alles te weten?

Oedipus is de leider van het land. Hij is eigenwijs en arrogant. Dwingend naar zijn omgeving. Hij wil iets betekenen. Dingen veranderen. Verbeteren. En hij is geobsedeerd door de waarheid. Hij wil geen liegende politicus zijn.

Zijn vrouw Iokaste is ooit getrouwd geweest met een eerdere leider, Laios. Hij is op een onduidelijke manier om het leven gekomen. In de verkiezingstijd heeft Oedipus beloofd uit te zoeken wat er gebeurd is. Als een waarzegger hem vertelt dat hij zijn vader heeft vermoord en met zijn moeder naar bed is geweest, ervaart hij dat als onzin. Maar het blijft aan hem knagen en bovendien wil hij zich aan zijn belofte houden. Hij gaat dus op onderzoek.

Oedipus ontdekt dat het dodelijke slachtoffer dat viel bij het auto-ongeluk dat hij als jongeling veroorzaakte Laios moet zijn geweest. Iokaste vertelt dat ze met Laios een zoon heeft gekregen, die hij haar meteen na de geboorte heeft afgenomen. Zijn moeder onthult dat zij en zijn vader niet zijn biologische ouders zijn. Ze hebben hem gevonden op de plaats waar het kind van Iokaste en Laios blijkt te zijn achtergelaten. Iokaste en Laios zijn dus de ouders van Oedipus, waarmee de beweringen van de waarzegger toch waar zijn: Oedipus heeft zijn vader Laios gedood en met zijn moeder Iokaste geslapen. Iokaste en Oedipus kunnen deze waarheid niet onder ogen zien en zoals het een drama betaamt eindigt het stuk dramatisch.

Hans Kesting als Oedipus en Marieke Heebink als Iokaste spelen indringende hoofdrollen. Verder met Aus Greidanus jr., Frieda Pittoors, Hélène Devos, Fred Goessens, Violet Braeckman, Hugo Koolschijn, Harm Duco Schut,  Josha Stradowski.

9 februari 2018
Stadsschouwburg Amsterdam

Ik heb al heel wat familiedrama’s gezien. Met beschadigde mensen, mislukte levens en veel geestelijke en emotionele ellende. Maar nog nooit zag ik een zo depressief stuk als vanavond, zonder een sprankje hoop of verlichting. In Ibsen Huis is de pater familias, een beroemd architect, zo egocentrisch en verdorven dat hij drie generaties volledig en reddeloos vernietigt, inclusief zichzelf. Het verhaal gaat over het bouwen van huizen, het verbouwen van herinneringen, het oprichten van muren om trauma’s en het instorten van mensenlevens. Over verloren zielen en verschroeide aarde.

Zoals vaker bij TGA is het decor weer heel bijzonder. Dit keer is het een huis dat voortdurend ronddraait. De acteurs spelen hun scènes in de diverse kamers van het huis. Het verhaal is niet chronologisch maar springt heen en weer in de tijd. De acteurs spelen verschillende rollen, maar verschillende acteurs spelen ook samen één rol (het jonge personage en het personage dat twintig of dertig jaar ouder is). Soms is dit heel even verwarrend (wie was dat ook al weer?) maar over het algemeen werkt het goed.

De indrukwekkende cast levert geweldig acteerwerk. Met voor mij dit keer als topper Janni Goslinga. In haar Caroline meende ik het ongrijpbare van Hilde Wangel uit Solness te herkennen.

foto: @ jan versweyveld

Het vaste vrijdagse nagesprek was heel interessant. Maria Kraakman en Maarten Heijmans vertelden hoe het stuk tot stand is gekomen. Regisseur Simon Stone schreef de tekst op basis van zes stukken van Ibsen. Daar ontleende hij de personages en de thematiek aan. Van een personage uit het ene stuk maakte hij de broer van een karakter uit een ander stuk. Het schrijven deed hij tijdens de repetities; toen ze begonnen was er nog nauwelijks tekst. Maria Kraakman gaf nog een mooie omschrijving van acteren. Je kunt niet elke avond de emoties van je personages doorleven. Je doet alsof, maar wel zo echt mogelijk.

Met: Hans Kesting, Maria Kraakman, Janni Goslinga, Maarten Heijmans, Bart Slegers, Aus Greidanus jr., Celia Nufaar, Claire Bender, Eva Heijen, Bart Klever, David Roos.

16 november 2017
Koninklijke Schouwburg, Den Haag

Twee dagen na Revolutionary Road zag ik opnieuw een stuk over dwalende en falende mensen, die in hun relaties met anderen toch ten diepste eenzaam zijn. Ook hier gaat het om een schijnbaar geslaagd stel dat ten gronde gaat omdat één van de twee mentale mankementen blijkt te hebben. Ook hier dienen de andere personages er vooral toe om de toenemende wrijving en de afstand binnen het stel zichtbaar te maken en te versterken. Maar naast overeenkomsten waren er ook verschillen. Uit het leven van marionetten is nog zwaarder en somberder, heeft geen enkel moment van lichtheid. Waar Revolutionairy Road vooral bestond uit min of meer levensechte dialogen, zaten er in Uit het leven van marionetten vooral diepzinnige, veelbetekenende monologen. Te diep en te veel, wat mij betreft. Ik ben een fan van Toneelgroep Amsterdam, onder meer omdat ik meestal helemaal op ga in hun stukken. Dat lukte me deze keer helemaal niet. Ik voelde een grote afstand tussen mijzelf en het podium. Dat lag zeker niet aan de acteurs, die hun uiterste best deden om van hun personages echte mensen te maken. Maar met hun in mijn oren onechte teksten was dat nauwelijks mogelijk.

De vormgeving was fraai. Een kil en kaal decor, kil en koud licht, dat paste goed bij het kille mensbeeld dat uit de voorstelling sprak. Lange filmbeelden van gezichten in close up benadrukten de eenzaamheid van de personages. En wat mij aansprak was dat niet alles werd uitgelegd. Het publiek kreeg scènes te zien die zich afspeelden voor en na het moment waar het in de voorstelling allemaal om draait, en moest zelf conclusies trekken over wat er precies was gebeurd en waarom. Daar waren we na afloop in de foyer druk over in gesprek toen Janni Goslinga ineens bij ons kwam staan. Dat was leuk, want ik vond haar de beste van de spelers. En het was interessant, omdat ze enthousiast vertelde over het stuk, de film van Ingmar Bergman waar het op gebaseerd was en over het werken met een regisseur dit tot nu toe nooit toneel maar alleen films gemaakt had.

Regie: Nanouk Leopold
Spel: Eelco Smits, Janni Goslinga, Bart Slegers, Hugo Koolschijn, Celia Nufaar, Eva Heijnen.

19 augustus 2016
Stadsschouwburg, Amsterdam

Mijn culturele leven en mijn blog hebben een poosje stilgelegen als gevolg van wat medische verwikkelingen. Vanavond kon ik gelukkig de draad weer oppakken. Het ging nog bijna mis omdat er iets aan de hand was met de trams. Mijn tram hield er halverwege mee op en daarna kwamen er alleen lege trams met het opschrift “Niet instappen”. Ik durfde niet langer te wachten en nam voor het eerst in mijn leven een Amsterdamse taxi. In strijd met mijn vooroordelen trof ik een keurige, beschaafde chauffeur die me keurig op tijd op het Leidseplein afleverde.

Na ruim een jaar zag ik voor de tweede keer de Medea van TGA. Ze spelen niet de klassieke versie van Euripides, maar een compleet nieuw geschreven versie. Natuurlijk is die wel gebaseerd op het origineel. Marieke Heebink speelt Anna, een vrouw die in de war is. Ze is opgenomen geweest en probeert haar oude leven weer terug te krijgen. Maar haar man heeft een nieuwe partner en de voogdij over hun kinderen, en haar baan is ze kwijt. Ze kan dat allemaal niet accepteren en voelt zich door alles en iedereen uitgesloten. Ze houdt krampachtig vast aan haar eigen werkelijkheid en is teleurgesteld, boos en bitter omdat haar omgeving een heel andere werkelijkheid heeft. Het knappe van het stuk vind ik dat je als toeschouwer zowaar enig begrip kunt opbrengen voor haar uiteindelijke wanhoopsdaad, die toch eigenlijk per definitie onbegrijpelijk is. Dat einde is trouwens heel mooi vormgegeven.

Toen ik het stuk de eerste keer zag, vond ik het erg beklemmend. Dat was nu minder, doordat ik het verhaal al kende. Maar ook dit keer voelde ik de beklemming en de emotie in de zaal. Wat de tweede keer niet anders was, is dat ik opnieuw zeer onder de indruk was van Heebink. Wat acteert zij in deze rol geweldig! Dat zie je op het toneel en nog indringender op het enorme scherm waarop haar gezicht af en toe in close up wordt geprojecteerd. Ze heeft voor deze rol de Theo d’Or gekregen en naar mijn bescheiden mening is dat volkomen terecht.

Ik probeer naar voorstellingen van TGA in de SSBA altijd op vrijdag te gaan omdat er dan altijd een nagesprek is met enkele acteurs. Dat vind ik meestal interessant. Dit keer ging het over hoe het is om als acteur in een zo dramatisch stuk te spelen. Hoe lang duurt het na afloop voordat je alle emoties hebt losgelaten? Verder bleek dat er nog nauwelijks tekst was toen de repetities begonnen. Het stuk is tijdens de repetities ontstaan. Dat lijkt me een bijzonder proces om mee te maken. En het gesprek ging over de interpretatie vaan het verhaal. Neemt Anna wraak op haar man, op haar omgeving? Zijn de gebeurtenissen onvermijdelijk?

Ik ben blij dat ik weer naar het theater kan en dit was een zeer geslaagde terugkeer.

24 juni 2016
Stadsschouwburg, Amsterdam

Veel films van Woody Allen zitten vol met tobberige types die zichzelf heel rationeel en verstandig vinden, maar intussen de domste dingen doen geleid door hun emoties en driften. Zo ook Husbands and Wives. Twee bevriende stellen hebben etentje. Een stel kondigt aan uit elkaar te gaan. Dat brengt alle vier ertoe na te denken over zichzelf en hun relatie: stop je of ga je door? Intussen worstelen ze met hun gevoelens, remmingen en neuroses. Daarbij verlicht Allen het navelstaren met grappen en oneliners in de traditie van Oscar Wilde en Groucho Marx

Regisseur Simon Stone maakte op het toneel een speelse bewerking van d film. ‘Woody Allen, maar dan in de vorm van Who’s Afraid of Virginia Woolf. De relatie als nachtmerrie, waar alleen maar mee te lachen valt – zolang het kan.’ De voorstelling heeft een hoog tempo. Scènes gaan snel en ingenieus in elkaar over. Ik vond het stuk geen komedie, maar er zit wel veel subtiele humor in.

Ramsey Nasr, Halina Reijn, Marieke Heebink en Aus Greidanus jr. stimuleren elkaar in de vier hoofdrollen met zichtbaar plezier tot fijn acteerwerk, waarbij Heebink er voor mij met haar luidruchtige, directe, enigszins hysterische personage bovenuit steekt. Hélène Devos en Robert de Hoog spelen alle bijrollen en moeten dus voortdurend van personage wisselen. Bij elkaar opgeteld vormen de diverse kleine personages ook hoofdrollen en ze dragen zeker bij aan het kijkgenot. Ik had een erg leuke avond!

11 mei 2016
Koninklijke Schouwburg, Den Haag

De eerste minuut zat ik me groen en geel te ergeren aan al het gekuch. Ik heb vaker luidruchtige zalen meegemaakt, maar dit was misschien wel de ergste. Het leek op een wedstrijd wie het hardst, het langst, het vaakst of het onsmakelijkst kon hoesten. Gelukkig ging ik al snel op in de voorstelling en vergat ik het publiek.

Een man en een vrouw zijn wanhopig op zoek naar echte liefde. Ze vinden elkaar in wat eerst een eenmalige ontmoeting lijkt, maar vervolgens toch een soort relatie blijkt te zijn. Geestelijke liefde vinden ze niet, wel fysieke. Die is primitief, ruw, agressief en dierlijk, maar ook eerlijk en kwetsbaar. Expliciet maar zeker niet plat.  Als ze uiteindelijk, tot hun eigen verbazing, van elkaar gaan houden, beseffen ze meteen dat hun liefde gedoemd is te mislukken. Ze zijn niet in staat er iets van te maken en zich aan elkaar te binden. Ze blijven elkaar ontmoeten, afstoten en aantrekken. Ze worden daar beiden niet gelukkig van en er komt dan ook onvermijdelijk een eind aan hun veelbewogen samenzijn.

foto Sanne Vogel

Het komt niet vaak voor dat Gijs Scholten van Aschat in de schaduw staat van zijn tegenspeler. Maria Kraakman krijgt dit voor elkaar. Ze wordt daarbij geholpen door het verschil tussen hun rollen. Hij is nogal vlak en geremd. Zij is intens: dan weer ingetogen, dan weer speels en uitbundig. Ze springt, holt, danst, schreeuwt, lacht. Haar licht hysterische gedrag overtuigt en raakt. Kraakman speelt haar rol geweldig. Ik vond het alleen al ongelooflijk hoeveel emotie ze – zonder woorden – in haar ogen weet te leggen als ze naar hem kijkt.

De voorstelling is treurig en mooi tegelijk.

Regie: Luk Perceval
Tekst: Hugo Claus
Muziek: Jeroen van Veen

5-2-2016
Stadsschouwburg, Amsterdam

Het was een spannende avond omdat De stille kracht (gebaseerd op het boek van Couperus) vol spanning zit. Spanning tussen mens en natuur. Spanning tussen culturen: tussen westerse macht en oosterse weerstand, tussen westerse ratio en oosterse stille kracht. En er zijn allerlei soorten spanning tussen de personages.
De muziek (live gespeeld door Harry de Wit), het decor en de kostuums roepen subtiel een moderne variant op van de sfeer van het oude Indië. Er zijn spectaculaire weersomstandigheden: een regengordijn, grondnevel en als climax een tropische stortbui die over het toneel raast.

Vanuit een westers superioriteitsgevoel willen de Nederlanders hun beschaving naar de inlanders brengen. Ze stuiten daarbij op de stille kracht van bezwering en bijgeloof, van oosterse magie en mysterie. Ze willen die niet serieus nemen, maar ervaren stuk voor stuk dat er meer is dan zij met hun westerse manier van denken kunnen verklaren.
Gijs Scholten van Aschat zit als hoog ambtenaar aanvankelijk vol integere bedoelingen. Hij wil de inheemse bevolking veel goeds brengen. Maar hij raakt steeds meer bevangen door de invloed van de stille kracht op zijn bestuur en zijn gezinsleven. Lang blijft hij koppig strijden, maar uiteindelijk moet hij op alle fronten zijn nederlaag erkennen.
Bij Halina Reijn, zijn vrouw, vertaalt de stille kracht zich eerst vooral in ongebreidelde fysieke hartstocht, waar ze vrij zorgeloos (en emotieloos) enig plezier aan beleeft. Maar later nemen zorgen en angst de overhand. Ze vlucht in een onduidelijk bestaan.
Maria Kraakman, de vrouw van een ambtenaar, voelt zich vanaf het begin niet thuis in de kolonie. Nuchterheid en praktische bezigheden houden haar een poosje op de been, maar ze raakt door de stille kracht steeds ontheemder. Gedesillusioneerd gaat ze terug naar Europa.

Al met al zorgden vorm en spel voor een mooie voorstelling. De regie was natuurlijk weer van Ivo van Hove. De acteurs waren verder o.a. Jip van den Dool, Mingus Dagelet, Leon Voorberg, Gaite Jansen, Marieke Heebink, Vanja Rukavina en Dewi Reijs.

Na afloop beantwoordden Jip van den Dool en Vanja Rukavina vragen van het publiek. Ze vertelden onder meer hoe ze zich hadden voorbereid op hun rol, hoe het is om te spelen in de regen, dat ze na een pauze van enkele maanden slechts één repetitie hadden om hun rol weer op te pakken en waarom ze het stuk nog actueel vinden.

23-1-2016
Stadsschouwburg, Amsterdam

Voor de tweede keer was ik bij een middag Spelen met de werkelijkheid van Toneelgroep Amsterdam, vooral bedoeld voor mensen die zelf ook (willen) toneelspelen. Zo’n middag kent vaste onderdelen.

Eerst gaan de deelnemers in groepen de vloer op om onder leiding van TGA-docenten allerlei speloefeningen te doen. Het gaat daarbij vooral om het spelen, niet om verdieping (wat voor karakter speel je, waarom doet jouw personage wat het doet). Omdat het podium voor mij geen fijne plek is, heb ik dit onderdeel deze keer aan me voorbij laten gaan.

Vervolgens geeft een TGA-acteur een masterclass. Een aantal deelnemers mag in het decor van de echte voorstelling een scène spelen. In dit geval was dat Maria Kraakman, die meespeelt in de voorstelling De stille kracht. Via zeer verschillende opdrachten voor dezelfde scène gaf ze allerlei tips, suggesties en lessen over acteren:

  • Bij samen spelen is contact het belangrijkste. Als het goed is, geeft je tegenspeler je kadootjes die je in je eigen rol kan gebruiken.
  • Kies altijd een belang / houding / voornemen voor je personage. Dat hept je bij het acterenn, het geeft richting.
  • Repeteren is het onderzoeken van mogelijkheden. Durf dus te overdrijven, dat maakt scherper duidelijk wat wel werkt en wat niet.
  • Vraag je af welke boodschap je wilt geven en welke boodschap overkomt.

Het was weer heel boeiend om te zien wat je allemaal met een scène kan doen en hoe kleine aanpassingen het karakter van een scène totaal kunnen veranderen.

Na de masterclass krijgen de deelnemers de gelegenheid de acteur vragen te stellen. Ook dit leverde interessante inkijkjes op in het acteervak.

  • Een acteur is zijn eigen instrument; hij bespeelt dat zelf.
  • Je bent tegelijk bezig met je personage en met jezelf.
  • Repeteren heeft altijd iets gênants.
  • Wat kaan je doen in een scene waarin je wel op het podium staat, maar geen contact hebt met andere personages? Kijken en luisteren, zien wat er gebeurt. Dat is altijd waarmee je als acteur moet beginnen.
  • Wie vult in hoe een personage precies moet zijn: de acteur of de regisseur? De acteur bedenkt en biedt aan, de regisseur reageert daarop.
  • Hoe leer je je tekst? Dat is waarschijnlijk het minst leuke onderdeel van acteren. Het vergt discipline en herhaling.
  • Wat is het verschil tussen acteren op het toneel en in een film? Bij toneel gaat het om de vorm. Als die goed is, gaat het publiek erin mee. Bij film gaat het om geloofwaardigheid.
  • Als je praat over acteren kan je niet alles benoemen. Het gaat om een mix van vakmanschap en magie. Dat laatste is heel ongrijpbaar.
  • Hoe voorkom je routine als je een voorstelling vaak speelt? Dat risico is er altijd. Het is een kwestie van vakmanschap om hiervoor te waken.
  • Maria Kraakman heeft onlangs te maken gekregen met een vervanging van haar tegenspeler. Wat betekent dat voor een acteur? Je rol blijft hetzelfde, maar een andere tegenspeler maakt op een andere manier contact, zegt dingen op een andere manier. Daar moet je dus ook anders op reageren.
  • Wat is het verschil tussen Toneelgoep Oostpool (waar Kraakman tot voor kort werkte) en Toneelgroep Amsterdam (waar ze nu een aantal maanden bij is)? TGA is groter en professioneler. Oostpool is een vriendencollectief waar de acteurs veel samenwerken en samen beslissen. TGA is een verzameling professionals die allemaal zelf verantwoordelijk zijn voor hun bijdrage.
  • Hoe ga je om met een slechte kritiek? Slikken, diep ademhalen en doorgaan.
  • De stille kracht is een eeuw oud, maar is nog steeds actueel en maatschappelijk relevant omdat het gaat over westerse arrogantie: expliciet of impliciet vinden we onze beschaving de beste is en willen we deze opleggen aan de rest van de wereld.

’s Avonds gaan de deelnemers naar de voorstelling. Maar omdat ik al kaartjes heb voor een latere datum, houd ik De stille kracht nog even tegoed. En mijn lezers dus mijn beschouwing erover.